03.09.2026

Evaluatie: Innovation Fund helpt verduurzaming vooruit, verbeteringen blijven nodig

Het Europese Innovation Fund speelt een belangrijke rol bij de verduurzaming van de industrie, maar de impact wordt beperkt door budgettekorten, complexe procedures en knelpunten in de uitvoering. Dat blijkt uit een evaluatie van de Europese Commissie. Voor de Nederlandse chemische industrie bevestigt de studie zowel de waarde van het fonds als de noodzaak om randvoorwaarden voor investeringen verder te verbeteren.

 

Het Innovation Fund wordt gefinancierd uit de opbrengsten van het Europese emissiehandelssysteem (EU ETS). Het fonds ondersteunt de ontwikkeling en opschaling van innovatieve, koolstofarme technologieën in onder meer de energie-intensieve industrie, hernieuwbare energie, energieopslag en duurzame mobiliteit.

Belangrijk instrument

Volgens de evaluatie speelt het fonds een sleutelrol bij het mogelijk maken van zogenoemde first-of-a-kind-projecten: innovatieve projecten die voor het eerst op commerciële schaal worden toegepast. Juist voor deze projecten zijn de technologische en financiële risico's vaak groot, waardoor private financiers terughoudend zijn.

Tot maart 2025 kende het Innovation Fund financiering toe aan 208 projecten, goed voor 11,6 miljard euro aan subsidies. Daarmee wordt naar verwachting ruim 870 miljoen ton CO2-equivalent aan emissies vermeden in de eerste tien jaar van exploitatie. De studie laat ook zien dat het fonds een sterke hefboomwerking heeft. Per euro steun wordt gemiddeld ongeveer vier euro aan aanvullende investeringen aangetrokken.

Belang voor chemie

De chemische industrie behoort tot de belangrijkste doelgroepen van het fonds. Volgens de evaluatie is de sector een van de moeilijkst te verduurzamen industrieën vanwege hoge investeringskosten, lange terugverdientijden en aanzienlijke technologische risico's. Het Innovation Fund helpt daarbij de kloof te overbruggen tussen demonstratie en grootschalige toepassing van nieuwe technologieën die belangrijk zijn voor de verduurzaming van de chemische industrie. Zoals waterstof, CCS en CCU, elektrificatie van processen en circulaire grondstoffen.

Binnen de huidige portefeuille zijn ongeveer twintig chemieprojecten opgenomen, waaronder FUREC en Holland Hydrogen. Alle chemieprojecten samen zijn goed voor een verwachte emissiereductie van circa 52 miljoen ton CO2-equivalent.

Knelpunten

De evaluatie benoemt ook enkele negatieve factoren die de effectiviteit van het fonds beperken. Zo is de vraag naar financiering veel groter dan het beschikbare budget: het fonds was gemiddeld 7,4 keer overtekend. Ook de administratieve lasten zijn hoog: bedrijven krijgen te maken met complexe CO2-methodologieën, uitgebreide financiële onderbouwingen en zware rapportageverplichtingen. Maar liefst 77 procent van de begunstigde bedrijven schakelde externe consultants in om de aanvraag op te stellen.

Daarnaast sluiten de financieringsvoorwaarden niet altijd aan op de praktijk van kapitaalintensieve verduurzamingsprojecten. Bedrijven noemen onder meer de maximale subsidiebijdrage van zestig procent, beperkte ondersteuning van operationele kosten en complexe staatssteunregels als knelpunten.

De onderzoekers constateren bovendien dat vergunningverlening en infrastructuur vaak een grotere belemmering vormen dan financiering. Trage vergunningprocedures, beperkte netcapaciteit en een gebrek aan waterstof- en CO2-infrastructuur kunnen de uitvoering van projecten vertragen.

Reactie VNCI

"De evaluatie laat zien dat het Innovation Fund een belangrijk instrument is voor de verduurzaming van de chemische industrie”, zegt Lisanne Blom, beleidsadviseur Innovatie bij de VNCI. “Tegelijkertijd blijkt dat veel goede projecten tegen praktische barrières aanlopen. Meer financiering blijft belangrijk, maar uiteindelijk moeten bedrijven projecten ook daadwerkelijk kunnen realiseren. Dat vraagt om eenvoudigere procedures, betere aansluiting tussen Europese en nationale regelingen en voldoende vergunningen en infrastructuur.”

Randvoorwaarden verbeteren

De onderzoekers concluderen dat het Innovation Fund essentieel blijft voor het behalen van de Europese klimaatdoelen voor 2030 en 2050. Zij adviseren om procedures te vereenvoudigen, de afstemming met nationale steunregelingen te verbeteren, de sectorale en geografische spreiding van projecten te vergroten en de monitoring van resultaten verder te versterken.

Voor de Nederlandse chemische industrie sluit die analyse aan bij een belangrijke conclusie uit het rapport: financiering is een noodzakelijke voorwaarde voor verduurzaming, maar niet de enige. Zonder tijdige vergunningverlening, voldoende energie-, waterstof- en CO2-infrastructuur en een goede aansluiting tussen Europese en nationale regelingen blijven investeringen achter en lopen projecten vertraging op.

Download hier het hele onderzoek (onder andere uitgevoerd door CE Delft) Evaluatie Innovation Fund 2020-2024

``