Europese Commissie verruimt spelregels IKC
De Europese Commissie heeft eind 2025 wijzigingen aangekondigd in de ETS-staatssteunkaders. Grootverbruikers van elektriciteit krijgen compensatie voor EU-ETS-kosten om weglek te voorkomen. Nieuw is dat nu ook ‘organische chemie’ en ‘kunstmeststoffen’ op de lijst van sectoren staan die hiervoor in aanmerking komen. In Nederland gebeurt dit via de regeling Indirecte Kostencompensatie (IKC).
De uitvoering van de IKC vindt altijd over het voorgaande jaar plaats en de aanpassingen geven de mogelijkheid om dit al voor het verbruiksjaar 2025 in te voeren. De Nederlandse regering zal hiervoor dus (extra) budget moeten vrijmaken in de Voorjaarsnota.
Hogere compensatie en flexibilisering
Naast de uitbreiding van de lijst met sectoren, maakte Brussel bekend dat de staatssteun voor sectoren die al op de lijst stonden, wordt verhoogd van 75 procent naar 80 procent aan ETS-compensatie. Verder mogen lidstaten zelf sectoren of subsectoren toevoegen, mits zij aantonen dat er risico op weglek is volgens EU-criteria. Tot slot biedt de Commissie meer flexibiliteit voor de investeringsverplichting. Bedrijven mogen de IKC-gelden bijvoorbeeld naast directe verduurzaming nu ook investeren in zaken als batterijopslag en flexibilisering van het net. Dit is één van de vier gestelde voorwaarden voor het ontvangen van de subsidie, waarbij de EU verplicht om er aan één te voldoen.
Uitvoering nieuwe kabinet
“Dit is goed nieuws en een mooie, nieuwe stap op weg naar eerlijke elektriciteitskosten voor de chemische industrie in Europa”, zegt Rob Gosselink, beleidsadviseur Energie en Klimaat bij de VNCI. “De lidstaten zijn nu aan zet. Het is essentieel dat het (nieuwe) kabinet budget reserveert voor de uitbreiding en gebruik maakt van de volledige ruimte die de EU biedt, zoals landen om ons heen ook doen.” Gosselink stelt dat Nederland ook meer flexibiliteit moet toestaan: bedrijven zouden moeten kunnen voldoen aan één van de vier investeringsvoorwaarden, in plaats van aan alle tegelijk. “Nederland is nu het enige land dat deze extra eis stelt, en dat verslechtert ons investeringsklimaat.”
Door de grote verschillen met onze buurlanden betaalt een industriebedrijf met een verbruik van 250 – 1.000 GWh in Nederland tot wel 26 miljoen euro meer voor elektriciteit dan in Duitsland en tot wel dertien miljoen euro meer dan in België.
- Lees hier het persbericht van de Europese Commissie
- Lees ook de petitie van de industriecoalitie met oproep tot gelijk speelveld stroomkosten