Defensie zoekt samenwerking met Nederlandse chemie
Defensie werkt actief aan scenario’s voor grootschalige opschaling. Het bedrijfsleven, waaronder de chemische industrie, is daarbij “keihard nodig”. Dat zei Gijs Tuinman, staatssecretaris van Defensie, maandag op een bijeenkomst van PWC, Deltalinqs, VNCI, KNB en TLN/Fenex in Rotterdam. Hij riep bedrijven op zich te melden wanneer zij een bijdrage willen leveren.
Tuinman sprak over het grote strategische belang van zowel de havensector als de chemische industrie voor de Nederlandse en Europese veiligheidspositie. Zo werkt Defensie onder meer al samen met het Havenbedrijf Rotterdam aan voldoende overslagcapaciteit en noemde de staatssecretaris de logistiek een “zuurstoflijn” voor de krijgsmacht.
Grote rol voor maakbedrijven
Tijdens de bijeenkomst in het Depot Boijmans Van Beuningen stond de vraag centraal welke kansen Defensie ziet voor bedrijven in de Rotterdamse haven en omgekeerd. Hierbij werd met name ingegaan op de kansen die er zijn voor logistieke bedrijven én maakbedrijven, waaronder chemische bedrijven, uit de Mainport Rotterdam. PWC publiceerde recent nieuw onderzoek (zie onderstaand kader) waaruit bleek dat er alleen al in Nederland ruim drieduizend maakbedrijven zijn die een rol kunnen spelen als toeleverancier bij de enorme opschalingsbehoefte van de Defensie-organisatie.
Innovatie bij krijgsmacht
Voor een sterke krijgsmacht is innovatie meer dan ooit essentieel. Dit biedt veel kansen juist ook voor Nederlandse bedrijven. Zo loopt er inmiddels het meerjarig innovatieprogramma Innovation for Resilient Military Supply Chains and Society. Dit publiek-private onderzoeksprogramma richt zich op de gereedstelling, innovatie, snelle op- en afschaling, en het voortzettingsvermogen van de krijgsmacht en de maatschappij. Ook werkt Defensie aan zogenoemde ‘innovatieve challenges’ om te komen tot innovaties die zowel Defensie als bedrijven de wind in de zeilen geven.
Chemie
Tuinman kondigde maandag aan dat er nog dit kwartaal een Kamerbrief komt van Defensie en het ministerie van KGG, inclusief een nieuwe ‘Actieagenda Chemie en materialen voor Defensie en veiligheid’. De daaruit voortvloeiende call wordt naar verwachting voor de zomer gepubliceerd en moet zorgen voor onderzoek naar de toegevoegde waarde van de chemische sector voor Defensie op het gebied van bijvoorbeeld munitiegrondstoffen en geavanceerde materialen.
Over de bijeenkomst
Maandag namen meer dan 125 verschillende bedrijven uit Mainport Rotterdam deel aan de bijeenkomst: van containerterminals, transportbedrijven, tot binnenvaartschippers en maakbedrijven. Tijdens de bijeenkomst stonden vooral vragen centraal als: hoe gaat samenwerken met Defensie, wat komt er praktisch gezien allemaal bij kijken én waar kan je terecht met ideeën. Een aantal bedrijven, waaronder VNCI-lidbedrijven Teijin Aramid en Dow, vertelden samen met experts van Defensie uit de eerste hand over hun ervaringen met Defensie in de praktijk.
Meer weten?
Kon je er niet bij zijn, maar wil je meer weten over samenwerken met Defensie? Meld je dan aan voor een online vervolgbijeenkomst via pronk@deltalinqs.nl of neem contact op met PWC voor een vervolggesprek.
Uit recent onderzoek van PwC blijkt dat de verhoogde NAVOnorm grote kansen biedt voor Nederlandse maakbedrijven. De defensie-uitgaven stijgen van 22 miljard euro in 2025 naar circa 38 miljard euro in 2030, wat tussen 2025 en 2030 neerkomt op een totaal aan investeringen van 178 miljard euro. PwC berekent dat hiervan zo’n 41 miljard euro kan landen bij de Nederlandse maakindustrie, met name bij bedrijven die hoogwaardige onderdelen, subsystemen en materialen kunnen leveren. In het onderzoek zijn ruim drieduizend productiebedrijven geïdentificeerd die potentieel kunnen bijdragen aan de opschalingsopgave van Defensie.
Lees hier meer over het onderzoek
