25.06.2026

Column Gijs van der Zanden: 'Moleculen zwijgen, dus schreeuwen de slogans'

Zodra een president een grens oversteekt, turen juristen al in de krantenkolommen of het internationaal recht wel beleefd is geraadpleegd. Economen doen hetzelfde zodra er een fabriek, belasting of subsidieregeling in beeld komt. Een groepje economen keek onlangs naar de Nederlandse industrie alsof het een foutje in de boekhouding was. Het merendeel zou immers voor de export bedoeld zijn. Adembenemend. Dadelijk roept men nog op om de kippenhouderij in Barneveld te verbieden omdat niet ieder ei persoonlijk door een Barnevelder wordt opgegeten.

Deze afbeelding is gemaakt met behulp van AI

Maar zodra het over chemie gaat, wordt het stil. Dan krijgt een ander gezelschap het woord. Mensen die ooit het woord “chemisch” hebben geleerd en sindsdien denken aan lichtgevende vloeistoffen, doodskoppen en vaten die in verlaten loodsen staan te roken alsof ze uit een slechte Duitse misdaadserie zijn ontsnapt. De extreme variant hijst zich in een nylon harnas een boom in om met een PVC-spandoek te protesteren tegen plastics. Zelden is de afhankelijkheid van de chemische industrie zo overtuigend gedemonstreerd door mensen die haar willen afschaffen.

Maar daarmee zijn we er niet. Niet alle zorgen over de chemische industrie zijn onzin. Wie emissies, incidenten, blootstelling, gebrekkige handhaving of een cultuur noemt waarin productie soms harder klonk dan voorzichtigheid, heeft niet automatisch een geitenwollen hoed op met siliciumdioxidefobie. Er zijn echte problemen. Juist daarom is het zo onverstandig dat chemici zich zo vaak terugtrekken uit het debat. Want als de mensen die het verschil kennen tussen gevaar, risico, dosis, blootstelling en toepassing zwijgen, wordt het gesprek vanzelf overgenomen door slogans.

En precies daar wordt het vreemd. Want waar zijn de chemici? Onze haren zouden overeind moeten staan bij zoveel moleculaire kermis: aanwezigheid verwarren met toxiciteit, natuurlijk veilig noemen en synthetisch verdacht, en geloven dat moderne samenlevingen draaien op goede bedoelingen, linnen tasjes en subsidie met windrichting.

Wij weten beter. Zonder chemie geen geneesmiddelen, batterijen, waterzuivering, halfgeleiders, kunstmest, steriele verpakkingen en geen energietransitie die verder komt dan een PowerPoint met dauw op een weiland. “Chemisch” is geen scheldwoord, maar een beschrijving van de werkelijkheid. Alles is chemie. Ook de koffie van de activist. Ook het papier van de beleidsmaker.

'Wie zwijgt terwijl onzin regeert, laat de microfoon over aan mensen die denken dat toxicologie een karaktereigenschap is'

Natuurlijk is zwijgen comfortabel. Het voorkomt gedoe, boze LinkedIn-reacties met drie uitroeptekens en de vraag of jij soms vóór gif bent. Maar zwijgen is zelden neutraal. Wie zwijgt terwijl onzin regeert, laat de microfoon over aan mensen die denken dat toxicologie een karaktereigenschap is.

Daarom moeten chemici zich niet langer gedragen alsof publieke uitleg beneden hun stand is. Wie begrijpt wat een stof doet en onder welke omstandigheden, heeft verantwoordelijkheid. Niet om elk bedrijf te verdedigen of elk incident glad te strijken, maar om te voorkomen dat aanwezigheid wordt verward met gevaar en voorzorg met paniek.

Een samenleving die haar moleculen niet begrijpt, wordt uiteindelijk bestuurd door mensen die nerveus worden van hun eigen shampoo. Tijd dus voor een tegengeluid. Helder, scherp en met kennis van zaken. De chemie hoeft niet op een voetstuk. Ze moet uit handen worden gehaald van slogans, angstbeelden en bestuurders zonder moleculair geweten.


Deze column is geschreven door Gijs van der Zanden en verscheen eerder in C2W | Mens & Molecule. Gijs is oprichter en eigenaar van Chemploy en ChemXpro. 

``