‘Plastic zal de komende decennia niet verdwijnen, maar produceer het dan wel circulair’
Hij had het na een lange carrière bij Dow Chemicals nog een paar jaar rustig aan kunnen doen, maar Arnd Thomas (60) stapte met veel enthousiasme in een nieuw avontuur. In januari van dit jaar werd hij CEO van Xycle Holding, een jong Rotterdams bedrijf dat zich richt op de chemische recycling van moeilijk mechanische recyclebare plastics. De bouw van een fabriek in de Europoort is in volle gang.
Tekst: Ingeborg Abendanon
Beeld: Curve, Xycle Holding
Gepubliceerd: 02.12.2025
Gepubliceerd: 02.12.2025
Het kan snel gaan. In maart van dit jaar maakte Xycle bekend dat de financiering voor de bouw van de eerste fabriek op commerciële schaal rond was. Met de steun van Dow, ING, Invest-NL en Vopak, aangevuld met onder andere een lening van Polestar Capital, kon de schop in de grond. Als alles volgens plan verloopt, is de fabriek in het vierde kwartaal van 2026 operationeel. Daarna is het tijd voor verdere opschaling in Nederland en uitbreiding in andere Europese landen zoals Spanje en Duitsland.
Wat doet Xycle Holding?
Thomas: “Wij houden ons bezig met de chemische recycling van plastics die moeilijk te verwerken zijn via mechanische recycling. Onze toepassing zit in voedselverpakkingen en medische/hygiënische plastic toepassingen (PCR). Wij zetten deze plastics om in olie, die als vervanging voor fossiele nafta dient en weer wordt verwerkt tot nieuwe plastics waarmee we dus werken aan circulariteit. Ons bedrijf leunt op drie poten. De bouw van de fabriek is de eerste. Hiervoor hebben we alle kapitaal binnen en dan praten we over tachtig tot honderd miljoen euro. De tweede tak is R&D waarbij we ons richten op schaalvergroting. En de derde tak is uitbreiding. De fabriek die wij nu in Rotterdam bouwen, willen we op een aantal plekken in Europa kopiëren, met tegelijk de mogelijkheid tot uitbouw naar groter.”
De chemische industrie is een belangrijke beoogde klant voor jullie. Zijn de volumes straks groot genoeg om deze sector te voorzien?
“De vraag naar gerecycled plastic in de chemische industrie is enorm, maar de opschaling van chemische recycling is complex en kost tijd. Xycle, en ook een aantal andere partijen die met deze nieuwe technologie bezig zijn, staat nog aan het begin. We komen allemaal uit op opbrengsten van ongeveer twintigduizend ton per fabriek.
Wij krijgen ongeveer dertigduizend ton plastic binnen. Dat sorteren we nog en dan halen we daar een polyethyleen-polypropyleen-fractie uit. Die fractie gaat naar reactoren en daar wordt het op lage temperatuur omgezet in olie en gas. De olie is een soort nafta voor de chemische industrie en het gas gebruiken we zelf voor de verwarming van de reactoren. Het opschalen naar een volume van honderdduizend ton, wat iedereen wil, is niet eenvoudig. Dit soort processen heb je niet in twee of drie jaar met een ratio vijf omhoog gedrukt. Maar ik ben ervan overtuigd dat het ons gaat lukken.”
Het grote dilemma voor startups en scale-ups: een gezond business model. Hoe zit dat bij Xycle?
“Wij zijn duurder dan nafta, daar hoeven we niet omheen te draaien. Fossiele nafta is goedkoper, maar op de lange termijn zit onze waarde in een veel belangrijker aspect. Onze CO2-footprint is gewoon lager dan die van virgin nafta. Als je nu ziet waar het plastic terechtkomt, bij vuilstortplaatsen of in de verbrandingsoven, dat is gewoon niet de toekomst. We moeten naar een circulaire economie, dat is wat mij betreft de license to operate voor het plastics ecosysteem. Die mindset zou er ook meer mogen zijn bij de overheid. Die moet kaders scheppen voor een goede vorm van circulariteit. Het kan niet zo zijn dat we goedkoop plastic met containers vol uit China blijven importeren, terwijl de industrie hier aan allerlei voorwaarden moet voldoen.”

Hoe kan de overheid daarin een sturende rol nemen volgens jou?
“Dat er regelgeving is, is prima. Maar als Den Haag - of Brussel - die regels continu verandert, kun je daar als bedrijf niet op participeren. Een bijmengverplichting van tien procent, die dan ineens verandert in vijf procent en een derde die roept ‘Nee, doe maar 25 of 35 procent’. Daar kun je geen fabrieken op bouwen. Dat wisselende beleid werkt ook niet naar je investeerders. Je kunt niet tegen een geldschieter zeggen dat de plannen veranderd zijn en dat je eigenlijk vijf jaar duimen hebt lopen draaien omdat er geen vraag is. Stabiele en duidelijke regelgeving is essentieel voor investeringen en de bouw van fabrieken. De overheid moet zorgen voor eerlijke concurrentie en ministeries moeten onderling meer samenwerken.”
De recyclingmarkt heeft het moeilijk en in het afgelopen jaar sneuvelde een aantal bedrijven. Waarom gaat het jullie wel lukken?
“We richten ons op chemische recycling en de klappen vallen met name in de mechanische recycling. De fout die we in de markt maken is dat er te veel gekeken wordt naar kwantiteit: hoeveel kilo heb je verwerkt? Bij mechanische recycling is de rekensom simpel: een kilo erin, is een kilo opbrengst. Bij chemische recycling hou je tachtig procent over, maar de output heeft een betere kwaliteit. We zouden ons meer moeten richten op die kwaliteit en wat dat ons op langere termijn oplevert in termen van duurzaamheid en circulariteit. Daarvoor hebben we beide vormen van recycling hard nodig. Het is niet ‘of’ maar ‘en’. Die urgentie mis ik nog weleens in Den Haag. Mechanisch recyclen is heel geschikt voor bijvoorbeeld PET-flessen, terwijl chemische recycling meer geschikt is voor plastic voedselverpakkingen, medische en hygiënische toepassingen. Je hebt beide nodig en het helpt niet als de overheid gaat selecteren op wat ze de beste toepassing vindt op basis van kwantiteit.”
Wanneer is Xycle een commercieel succes?
“Ik verwacht dat de fabriek in 2027 gezond kan draaien. We werken met een bewezen technologie die trouwens al in 2008 in India is ontwikkeld. Daar zijn ze letterlijk begonnen met een snelkookpan waar ze allerlei plastics in deden. Het nam al snel serieuze vormen aan en verschillende partijen toonden interesse. In 2018 werd er verder mee geëxperimenteerd in een proeftuin in Rotterdam en volgde de interesse van bijvoorbeeld Vopak. Ik kan nergens garanties op geven, want een fabriek beginnen is niet hetzelfde als een auto kopen, de motor starten en wegrijden. Het gaat met ups en downs, maar ik ben overtuigd van het succes dat gaat komen.”
Wat zijn jouw ambities voor de komende vijf jaar?
“Mijn ambitie is dat we straks in Europoort een fabriek hebben staan die als showcase kan fungeren. Dat we goed draaien en dat andere partijen bij ons aankloppen met de vraag of we ook voor hen zo’n plant kunnen bouwen. De scope na 2027 is gericht op uitbreiding waarbij we enerzijds de kennis en ervaring kunnen inzetten om de Europoort-locatie op te schalen en anderzijds locaties inventariseren voor nieuwe fabrieken. Dat kan in Nederland, maar landen als Duitsland en Spanje zijn ook heel interessant. We zullen ons altijd richten op locaties waar chemische clusters gevestigd zijn, omdat deze industrie voor ons een belangrijke afzetmarkt is en het mooie woord ‘Verbund’, boekdelen spreekt.”
En 2050: wanneer ben je tevreden als je dan terugkijkt op wat je nu doet bij Xycle?
“Ik hoop dat we dan de switch hebben gemaakt naar circulariteit. Een circulair systeem dat effectief is, waarde creëert en waarbij we fossiele grondstoffen alleen nog gebruiken voor producten en niet voor energie. Of het gaat lukken, hangt af van de snelheid en economische factoren. Europa kan front runner zijn, maar als we hier helemaal circulair zijn met producten die drie of vier keer zo duur zijn als in China, dan wordt het natuurlijk een lastig verhaal. Ik geloof dat andere landen en continenten ook zullen gaan inzien dat circulariteit de route is. Als we daar op uitkomen, zal het gebruik van fossiele grondstoffen ook afnemen. Iedereen snapt nu zo langzamerhand wel dat het volstorten van woestijnen en rivieren met plastic of het verbranden ervan, niet gaat werken. Plastic is een waardevol product en het zal de komende decennia niet verdwijnen, maar produceer het dan wel circulair. Mijn persoonlijke drijfveer is om van Xycle een succes te maken en een organisatie neer te zetten waarbij mensen kunnen groeien. En dat zij met hun kennis en kunde een voortrekkersrol kunnen spelen op het gebied van circulariteit.”