20 - 09 - 2018

Chemiecluster Amsterdam zet in op circulair

 

Tekst: Henk Engelenburg

 

Volop kansen voor duurzame bedrijvigheid

 

Amsterdam heeft geen grote chemieproducties, daardoor is dit chemiecluster minder bekend. Afgelopen decennia viel er ook weinig te clusteren, maar dat wordt anders nu verduurzaming intensief samenwerken vereist. Zo is er al het Innovation Lab Chemistry Amsterdam, in het leven geroepen door het Havenbedrijf en het Science Park, dat bruggen moet slaan tussen wetenschap, laboratoria en pilots. 

 

Aangezien in de regio Amsterdam de meeste chemiebedrijven in de haven zijn gesitueerd, zijn ze daar ook nauw mee verbonden. Nu kolenoverslag daar vanaf 2030 niet langer is toegestaan, is duurzaamheid er het nieuwe devies. Het Havenbedrijf speelt dan ook een overkoepelende rol in het stimuleren van samenwerkingsverbanden en het ‘matchen’ van (chemie)bedrijven, kennisinstellingen en gemeente. “Nu weet de ene buurman vaak niet goed wat de andere doet en welke reststromen hij eventueel beschikbaar heeft, en dergelijke”, zegt Roon van Maanen, hoofd Circular & Renewable Industry bij het Havenbedrijf. 

Daarnaast zijn er in Amsterdam volop kansen voor het aantrekken van nieuwe duurzame bedrijvigheid. “We hebben in Amsterdam geen fysieke ruimte voor grote chemiecomplexen, wel voor hoogwaardige speciale chemie. Daarvoor proberen we het hele traject van innovatie tot en met productie te faciliteren.”

 

 

Science Park
Het cluster mag zich gelukkig prijzen met het naburige Science Park, een geconcentreerde kennismetropool en kraamkamer van innovatieve start-ups. Daar is onder meer het Van ‘t Hoff Institute for Molecular Sciences (in feite de gecombineerde chemiefaculteit van de UvA en de VU) gevestigd, waar tweehonderd wetenschappers fundamenteel en toegepast chemieonderzoek doen voor doorbraakinnovaties. Samen met Avantium en het Shell Lab op de noordelijke IJ-oever wordt onderzoek gedaan naar de elektrificatie van de chemie. Ook van belang voor het chemieonderzoek op het park zijn het natuurkunde-onderzoeksinstituut Amolf, het wiskunde-instituut Nikhef en het Amsterdam Research Center for Nanolithography. De kennisinstituten hebben dwarsverbanden met het hoger en middelbaar onderwijs, zoals respectievelijk de Hogeschool van Amsterdam (HvA), de Hogeschool InHolland en de mbo’s Clusius College en het Wellantcollege, die deels vraaggestuurd werken vanuit het bedrijfsleven. 

Het Science Park telt een flink aantal initiatieven om wetenschappelijk onderzoek te vertalen in producten voor de samenleving. Het Amsterdam Centre for Entrepeneurship (ACE), Startup Village, Matrix en Innovation Exchange Amsterdam (IXA) bieden studenten, onderzoekers en alumni trainingen en coaching om ideeën om te zetten in start-ups of ze faciliteren werkplaatsen voor start-ups en mkb’s. Zo beheert Matrix kantoren en laboratoria voor mkb-bedrijven en starters; binnenkort opent Matrixgebouw nummer 7, de voorgaande zes gebouwen zijn volledig bezet. 

Gaat een start-up naar de scale-up-fase, dan is er Pro-dock, een door het Havenbedrijf ingerichte locatie in de haven waar start-ups en volwassen bedrijven tijdelijk producten en productie kunnen testen om door te groeien naar een grotere locatie in de haven. Het Havenbedrijf en het Science Park hebben gezamenlijk Innovation Lab Chemistry Amsterdam (ILCA) in het leven geroepen, dat bruggen moet slaan tussen wetenschap, laboratoria en de pilots op Prodock.

 

Durfkapitaal
Durfinvesteerders die kapitaal verschaffen voor de ont-wikkeling van scale-ups en hun innovaties, staan niet in de rij als het gaat om duurzaamheid. De materie is nog te onbekend en daarmee zijn de investeringsrisico’s nog nauwelijks in te schatten. Omdat er toch kapitaal moet komen, speelt het Havenbedrijf nu en dan voor durfinvesteerder. Dat is onder meer gebeurd bij ChainCraft, een start-up van de Universiteit Wageningen die door het Havenbedrijf naar de haven is gelokt, waar het nu een pilot heeft op Prodock. Het bedrijfje heeft een proces ontwikkeld waarmee organische reststromen worden omgezet in middellange vetzuurketens. Een eerste afzetmarkt is diervoeding. Met de bouw van een fabriek op demoschaal start eind dit jaar de productie.

De financiering van 7 miljoen euro is opgebracht door het gemeentelijke Amsterdams Klimaat- en Energiefonds, het provinciale Participatiefonds Duurzame Economie, de rijkssubsidies DEI en Kansen voor West en het Havenbedrijf. Laatstgenoemde partij heeft 1 miljoen ingelegd. Van Maanen: “Durfinvesteerders vragen soms 50 procent rendement op dit soort investeringen of ze stappen helemaal niet in, wachtend op de volgende ontwikkelingsfase van de innovatie. Wij kunnen sommige risico’s beter inschatten, aangezien we de verschillende partijen kennen. Een paar miljoen is vaak al voldoende om een bedrijf verder door de zogeheten valley of death te brengen.” 

Meer informatie:
www.portofamsterdam.com/en/acp-locations 
http://interactivemaps.portofamsterdam.com 

 

Behind the scenes @Amsterdam & ACID 
In het kader van haar 100-jarig bestaan organiseert de VNCI een serie Behind the scenes, events waarin de chemieclusters centraal staan. De aftrap vond plaats afgelopen voorjaar op Chemelot. De volgende vindt plaats op 5 oktober in Emmen (zie p. 26). Daarna is op 19 oktober Amsterdam aan de beurt. Gastheer is de Universiteit van Amsterdam – ACID. Amsterdam Chemistry Innovation Day is een jaarlijks evenement over de laatste ontwikkelingen in de chemie en innovaties in Metropool Amsterdam.

De dag begint met een kijkje achter de schermen bij een aantal (chemie)bedrijven rondom het Science Park en in de haven. Het middagprogramma biedt informatie over de laatste ontwikkelingen op het gebied van circulaire chemie, Computer Aided Chemistry, Art Conservation en over hoe een innovatief bedrijfsidee te valoriseren. Tijdens een Collegetour wordt ingegaan op de nieuwe vereisten die aan werknemers in de chemie zullen worden gesteld als gevolg van de veranderingen die de chemiebedrijven gaan doormaken.

Meer info en aanmelden

 

Bekende en minder bekende namen
Het chemiecluster Amsterdam herbergt een aantal bekende en minder bekende namen, waaronder:
•  Avantium: ontwikkelaar en producent van biobased PEF.
•  Corbion (hoofdkantoor): melkzuren voor bioplastics.
•  Sonneborn: halffabricaten zoals witte oliën, vaseline, was en sulfonaten.
•  Albemarle: katalysatoren voor de productie van gas, petroleum, diesel en kerosine.
•  PPG Coatings: verf, vernissen, druk-inkt en mastiek.
•  Caldic: distributeur van chemische stoffen, ontwikkelaar en producent van klantspecifieke chemische formules en oplossingen.
•  Oxea: chemische halffabricaten voor de productie van veiligheidsglas, coatings, cosmetica, inkt, brandstof, smeermiddelen en bestrijdingsmiddelen; farmaceutische producten en weekmakers.
•  ICL Amsterdam: meststoffen en fosforzuur. Benutting van reststromen, zoals struviet dat door Waternet uit het rioolwater is gehaald. Herwinning van fosfaten en fosfor uit de assen van dierslachterijen en de rioolzuivering.
•  Shell Technology Centre Amsterdam (STCA): een van de drie belangrijkste technologiecentra van Shell wereld-wijd. Ruim duizend onderzoekers werken aan verbetering van producten en productieprocessen op het gebied van olie, gas en chemie. Onderzoek naar betaalbare alternatieve energie-oplossingen, zoals het gebruik van biomassa en de opslag van CO2. 

 


Artists impression van labgebouw Matrix VII op het Amsterdam Science Park

 

BEN
Bio Energy Netherlands (BEN) neemt eind dit jaar de eerste commerciële houtvergasser in de haven in gebruik. Bij vergassing wordt 60 tot 70 procent minder stikstof en fijnstof uitgestoten dan bij verbranding. Het gas uit biomassa wordt gebruikt om warmte en elektriciteit op te wekken voor stadsverwarming en industriële doeleinden. Er zal naderhand ook waterstof en CO2 uit het gas worden gewonnen (een tussenoplossing totdat CO2 uit de lucht kan worden gewonnen). BEN wil uiteindelijk via het produceren van groene stroom en warmte de stap zetten naar het produceren van groene moleculen als grondstof voor de chemie.


IGES Amsterdam
Integrated Green Energy Solutions (IGES Amsterdam) start eind dit jaar in de Amsterdamse haven met het omzetten van ‘end of life plastics’ in transportolie. Er zal per dag 100 ton aan plastics worden verwerkt, goed voor 30 miljoen liter transportbrandstof. Op den duur gaat de verwerking naar 400 ton per dag. Aandeelhouders zijn onder meer het Havenbedrijf en de Australische Foy Group, die het technologische concept bezit en de investering van 28 miljoen Australische dollars zekerstelt.

 

AEB 
Het in 2014 verzelfstandigde Amsterdamse afvalbedrijf AEB (400 werknemers) verwerkt jaarlijks 1,4 miljoen ton afval uit de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en uit Engeland. Het bedrijf wint steeds meer bruikbare stoffen uit afval en gebruikt de warmte die bij afvalverbranding vrijkomt voor het opwekken van elektriciteit. AEB is de grootste leverancier van duurzame energie in de regio, vergelijkbaar met 200 windmolens van 3 MW, genoeg voor 300.000 huishoudens. AEB onderzoekt het doortrekken van een oude olieleiding die van Rotterdam naar de voormalige BP-olieraffinaderij in Amsterdam loopt. Die is tegenwoordig in gebruik voor het trans-port van in Rotterdam afgevangen CO2 naar de kassen in het Westland. AEB doet drie onderzoeken: kan de leiding worden doorgetrokken naar AEB in Amsterdam?; kan de CO2 daar wor-den omgezet in een vloeibare vorm voor transport naar de kassen in de Wieringermeer?; en kan de CO2 bij AEB worden afgevangen?

 

Simadan
Simadan verwerkt jaarlijks circa 120.000 ton supermarktvoedsel dat over de datum is en andere organische reststromen, waar-onder zo’n 350.000 m3 verontreinigd afvalwater. De afvalstro-men worden in grote tanks vergist door buurman Orgaworld. Hierbij komt biogas vrij, dat in de vorm van stoom, warmte en groene stroom deels wordt ingezet voor de processen binnen Simadan en deels terechtkomt op het elektriciteits- en warmtenet van Amsterdam. Het restmateriaal van de processen wordt met ‘eigen’ warmte omgezet tot een hoogwaardige meststof. Er zijn synergiën met het lokale warmtenet, het regionale elektriciteitsnet en met omliggende bedrijven. Zoals met het naastgelegen ChainCraft, dat eveneens supermarktvoedsel verwerkt, en WILD Juice, dat afvalstromen via een pijpverbinding aan Orgaworld levert. Simadan produceert verder met dochterbedrijf Biodiesel Amsterdam jaarlijks 125 miljoen liter tweedegeneratie-biodiesel uit afvalvetten en -oliën.

 


Lees meer over dit onderwerp via de tag(s):
Innovatie
Chemie Magazine
100 jaar VNCI

Onderdeel van dossier(s):