Rotterdam-Rijnmond


 

Profiel
Pernis, Botlek, Europoort en de Maasvlakte: het chemiecluster in Rotterdam is enorm. Tel Dordrecht en Moerdijk erbij op, dan kom je uit op ruim 120 industriële bedrijven, met het zwaartepunt voor de chemie in de Botlek en Moerdijk.

Sterktes
Met 45 chemiebedrijven, vijf olieraffinaderijen en Europa’s grootste concentratie biobased fabrieken zijn er veel partijen om mee samen te werken. Ook de goede logistiek (buisleidingen, haven, Betuweroute, Rijn en A15) maken het eenvoudig om grondstoffen en producten te distribueren. Bovendien beschikt Rotterdam over een sterk ecosysteem voor innovatie.

Specialiteiten
Het Rotterdamse cluster kenmerkt zich door een zware focus op ‘traditionele’ chemie, dus veel raffinaderijen en bulkchemie. Wel komt de groene tak langzaam op, met partijen als Neste en Abengoa.

Programma’s
De Rotterdamse industrie werkt onder meer samen met de havens in Dordrecht en Moerdijk via het DelTri Platform. Op grotere schaal is er het ARRRA-cluster, waarin Rotterdam een belangrijke rol speelt als chemieproducent en -transporteur.

Clusterversterking
In maart 2016 verscheen het onderzoek naar de toekomst van chemiecluster Rotterdam, uitgevoerd onder leiding van voormalig Shell-topman Rein Willems. Hierin wordt een visie met twee actielijnen voorgesteld: het bestaande zo efficiënt mogelijk doen (bijvoorbeeld via ketenintegratie, warmtehergebruik en CO2-afvang) en de bestaande biobased keten (met daarin al veertien fabrieken) zo goed mogelijk uitbreiden. Samenwerking staat centraal bij het efficiënter werken. Vier bedrijven kunnen samen stoom leveren via een biostoomketel, vier chloorbedrijven willen hun downtime verminderen, en restwarmte vanuit de haven kan naar de kassen in het Westland en Den Haag toe. Ook via verbeterde regelgeving kan de efficiency van de chemie omhoog.

Voor de tweede actielijn, de biobased keten, is het van belang dat bijstook in kolencentrales mogelijk blijft. Nog belangrijker is dat de overheid de optie moet overwegen om te investeren in een bioraffinaderij. De bouw van deze installatie, al snel goed voor 500 miljoen euro, is met de huidige olieprijs niet aantrekkelijk voor private investeerders.

Ambities
Willems merkt dat veel bedrijven zich in de visie kunnen vinden. “Natuurlijk verschillen de accenten. Zo willen sommige partijen alleen inzetten op biochemie. Maar de richting van de twee sporen wordt breed gedeeld.”