|
|
De opinie van de VNCI over innovatie
Ga direct naar één van de volgende onderwerpen:
Terug naar de lijst met onderwerpen
Wie innoveert heeft toekomstperspectief. Dat kan alleen met een goede kennisinfrastructuur - zoals toonaangevende universiteiten - en blijvende overheidsstimulering. De VNCI werkt aan een grotere instroom in bètastudies. Tegelijkertijd zorgt zij dat het arbeidsaanbod in balans is met de vraag van chemische bedrijven. In dat kader werkt de VNCI nauw samen met kennisinstellingen, bijvoorbeeld binnen de Regiegroep Chemie. De beschikbare kennis die chemische bedrijven nodig hebben blijft zo op peil. Bovendien kunnen afgestudeerden binnen de industrie, de wetenschap of elders in de maatschappij excelleren.
Terug naar de lijst met onderwerpen
De chemie is een hoogwaardige, kennisintensieve sector die een essentiële rol speelt in de Nederlandse economie. De chemische industrie wil producten maken die de kwaliteit van leven verregaand verbeteren en oplossingen bieden voor maatschappelijke problemen. Tegelijkertijd wil de sector het energie- en fossiele grondstoffenverbruik drastisch verminderen en de risico’s die met de chemische processen samenhangen, verder terugdringen. Innovatie is hiervoor noodzakelijk. Door het ontwikkelen van nieuwe materialen en stoffen met nieuwe innovatieve toepassingen is de chemie ook een motor voor innovatie in andere sectoren.
De chemische sector wil hierdoor de komende decennia uitgroeien tot een essentieel onderdeel van de gewenste duurzame economie. De plannen van de nationale Regiegroep Chemie en het Europese Technologieplatform voor duurzame chemie (SusChem) sluiten hier naadloos op aan (zie ook het standpunt Regiegroep Chemie).
Om de voorgenomen doelstellingen te bereiken zijn innovaties in zowel bulk- als fijnchemie noodzakelijk. Dat vraagt, naast de beschikbaarheid van voldoende en goed opgeleid personeel, de bereidheid van chemiebedrijven om permanent grenzen te verleggen. Economische groei is hierbij een essentiële voorwaarde. Groei en verduurzaming zijn dus onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Innovatie en duurzaamheid dragen bij aan een gezonde concurrentiekracht van de nationale en Europese chemische industrie. En dat is nodig in een omgeving waar de productiekosten ten opzichte van de rest van de wereld hoog zijn. Een sterk innovatieklimaat zorgt ervoor dat op de lange termijn de sterke positie op de wereldmarkt behouden blijft: bedrijven kunnen producten met hoge toegevoegde waarde kosteneffectief blijven produceren.
De Nederlandse initiatieven om de innovatie te bevorderen kunnen niet op zich zelf staan. Ze dienen aan te sluiten bij Europese initiatieven zoals het SusChem programma.
Doel van de VNCI is dus te zorgen voor een innovatieklimaat met juiste randvoorwaarden waarin de Nederlandse chemische industrie blijvend concurrerend kan opereren. De VNCI steunt daarom de Regiegroep Chemie bij de uitvoering van het businessplan. Specifiek voor innovatie houdt dit in:
- het creëren van nieuwe bedrijvigheid door stimuleren van Innovation Labs, verbonden aan de universiteiten;
- het opzetten van een Centre for Open Chemical Innovation (COCI), gevestigd dichtbij ondersteunende bedrijven, voor een doorstart van succesvolle nieuwe bedrijvigheid;
- het versterken van succesvolle publiekprivate samenwerkingsverbanden, waarin universiteiten en bedrijven samenwerken aan het opzetten en de valorisatie van creatieve en nieuwe toepassingen in de chemie.
Daarnaast helpt de VNCI om succesvolle regionale projecten op terreinen van innovatie te laten ondersteunen door bestaande subsidieregelingen.
Op Europees niveau coördineert de VNCI de Nederlandse inbreng in de High Level Group on the competitiveness of the European chemical industry (HLG). De groep is opgezet in opdracht van de Europese Commissie en heeft als doel de concurrentiekracht van de chemische sector te vergroten in het kader van duurzaamheid, en zo de chemische industrie voor Europa te behouden. Ze legt de nadruk op innovatie, energie, grondstoffen en internationale handel. Via de Strategy Implementation Group Innovation van Cefic en via directe contacten met het ministerie van EZ zorgt de VNCI ervoor dat de Nederlandse chemie ruimschoots aan bod komt.
VNCI is verder ook deelnemer in het Cefic-onderzoeksprogramma Long-range Research Initiative (LRI). De chemische industrie werkt in dit initiatief samen om opkomende wetenschappelijke uitdagingen in te schatten en tijdig met adequate oplossingen te komen. Het betreft vooral onderwerpen op het gebied van milieu, veiligheid en gezondheid.
De middelgrote en kleine bedrijven profiteren momenteel onvoldoende van de publiek-private samenwerkingsverbanden, Europese programma’s en de instituten zoals Syntens en TNO. De VNCI neemt daarom initiatieven om het MKB in een betere positie te brengen voor innovatie. In 2008 is bijvoorbeeld een ‘virtuele gemeenschap’ gestart. Daarnaast onderzoekt VNCI naar mogelijkheden om de instrumenten van Syntens beter te laten aansluiten bij het MKB.
Terug naar de lijst met onderwerpen
Bedrijven en universitaire instellingen werken op inspirerende wijze samen in publieke-private samenwerkingsverbanden (PPS’en). Ze verzorgen een brugfunctie tussen fundamenteel onderzoek en nieuwe bedrijvigheid. Diverse succesvolle initiatieven op dit terrein zijn inmiddels tot stand gekomen. Sommigen daarvan vallen onder de Technologische Topinstituten (TTI’s), zoals DPI, Pharma, ACTS en Food and nutrition van het Wageningen Centre for Food Sciences (WCFS).
De VNCI beschouwt deze PPS’en als een eerste stap in het gewenste innovatieproces. Ze zet zich in voor continuering en uitbreiding van aantal PPS’en en het versterken van de synergie tussen de verschillende initiatieven. De programma’s van de aangewezen PPS’en vallen binnen de gebieden die de Regiegroep Chemie wil versterken: Materialen, Biotechnologie voor specialties, katalyse en duurzame processen en procestechnologie.
Het Casimir-programma, een initiatief van NWO, is ontwikkeld om de mobiliteit van onderzoekers te vergroten en meer uitwisseling van onderzoekers tot stand brengen tussen bedrijven en publieke kennisinstellingen. Samen met NWO zoekt de VNCI naar potentieel succesvolle combinatiemogelijkheden van onderzoek/kennisinstellingen en bedrijfsleven en de financiële ondersteuning daarvan. In maart 2009 heeft technologiestichting STW deze regeling opnieuw geïntroduceerd in een licht gewijzigde opzet.
Ze zoekt daarbij ook naar partnerships met andere sectoren zoals metaal en automatisering waarbij technologie een centrale plaats inneemt. Een andere belangrijke partner in dit proces zijn de relevante kenniscentra die de belangrijke brug naar het onderwijsveld vormen namens de industrie. Deze partnerships zullen vooral op regionale basis vruchten moeten afwerpen.
Terug naar de lijst met onderwerpen
Op initiatief van het tweede kabinet-Balkenende werd in 2003 het Nederlandse Innovatieplatform in het leven geroepen. Het orgaan moest verbetering van de Nederlandse concurrentiepositie via innovatie stimuleren. Het Innovatieplatform benoemde zes sleutelgebieden (Food & Flowers, Water, Creatieve industrie, High-tech systemen en materialen, Pensioenen en sociale verzekeringen, en Chemie) als innovatief. Hierop is in 2005 door de VNCI en MWO-CW de Regiegroep Chemie opgericht. De regiegroep is samengesteld uit mensen uit het bedrijfsleven en de wetenschappelijke wereld die die op persoonlijke titel zitting hebben.
Doel van de Regiegroep Chemie is het stimuleren van de ‘innovatieve slagkracht’ van de chemische sector in Nederland, waardoor de sector voorop blijft lopen in wetenschap, innovatie en bedrijfsprestaties. De regiegroep is geen belangen- of uitvoerende organisatie. Activiteiten die ze initieert, worden uitgevoerd door task forces die bemand worden door mensen uit de deelnemende organisaties.
In juli 2006 presenteerde de Regiegroep het businessplan ‘Sleutelgebied Chemie zorgt voor groei’. Hierin sprak de sector de ambitie uit in tien jaar tijd de bijdrage aan het bruto binnenlands product te verdubbelen en in 25 jaar tijd de CO2-emissies van de chemische industrie te halveren, onder meer door consistent doorgevoerde energie efficiency verbetering, recycling en het gebruik van fossiele bronnen (olie, kolen en gas) te halveren.
De focus in het businessplan ligt op intensiveren van de omzetting van kennis naar innovatieve bedrijvigheid via vier innovatielijnen: materialen, biotechnologie voor specialties, katalyse en duurzame processen, en procestechnologie.
In juni 2007 volgde een nadere uitwerking van het plan samen met de deelplannen Human Capital chemie; 1e aanzet voor het Sectorplan Chemie (kennisinfrastructuur), het Polymeren Innovatie Programma en de Roadmap Proces Intensificatie. Deze plannen zijn in oktober 2007 voor financiële ondersteuning voorgelegd aan de strategische adviescommissie van het Innovatieplatform. Na positief advies van het platform heeft de minister van Economische Zaken geld gereserveerd. Na goedkeuring van een ingediend projectplan kan dit geld uit de reserve worden benut..
De chemische industrie is een van de meeste innovatieve sectoren in Nederland. Door de unieke combinatie van veel productiebedrijven en hoogwaardig onderzoek is de chemie een belangrijke succesfactor voor Nederland en levert ze een belangrijke bijdrage aan de kenniseconomie.
Jonge ondernemers zorgen in de ogen van de VNCI voor innovatie in de toekomst. De VNCI onderschrijft dan ook de doelstelling in het businessplan van de Regiegroep Chemie om nieuwe bedrijvigheid te stimuleren. Zoals door een Centrum voor open Chemische Innovatie (COCI) te starten met locaties op bestaande bedrijventerreinen. Startende ondernemers en kleine bedrijven kunnen daar innovatieve ideeën uitwerken en gebruikmaken van de faciliteiten van het terrein. Door de bedrijfjes te clusteren rond thema’s als materialen, duurzame energie en duurzame procestechnologie, faciliteert COCI een stimulerende en creatieve omgeving.
De VNCI is nauw betrokken bij de Regiegroep Chemie. Ze ondersteunt en coördineert in de ontwikkeling en uitvoering van de plannen. VNCI zet zich sterk in voor de actielijnen COCI en de ondersteunende plannen over imago en Human Capital (zie ook dossier Onderwijs). In 2008 hebben VNCI en de Regiegroep Chemie de Biobased Economy (BBE) en Sustainable Chemistry (SusChem) opgenomen als essentiële doelen om de ambities van de sector te realiseren.
Terug naar de lijst met onderwerpen
| Foto |
Naam |
Functie |
Contact |
|
ir. Nelo Emerencia |
Speerpuntmanager Onderwijs en Innovatie |
Tel: 070-337 87 26
emerencia@vnci.nl |
|