De VNCI is over de gehele linie genomen positief over het deze week gepresenteerde regeerakkoord van de VVD en de PvdA. Nieuwe voornemens voor het klimaat, energiebeleid en regeldruk geven blijk van waardering van de chemische industrie. Wel mist de VNCI node een actief industriebeleid.
Klimaat & energie
Het plan om in te zetten op een internationaal klimaatbeleid valt in goede aarde, niet in de laatste plaats omdat de regering hierbij expliciet de concurrentiepositie van de energie-intensieve sectoren en de werkgelegenheid in het oog houdt. Bovendien krijgt energiebesparing, waar de chemie al volop mee bezig is, prioriteit.
De VNCI is benieuwd hoe deze ambities voor het energiebeleid precies gerealiseerd worden. De ambities zijn goed, maar ze kunnen nog zowel goed als slecht ingevuld worden. De VNCI pleit er daarom voor dat de overheid het advies van de Sociaal-Economische Raad ter harte neemt. De SER pleit ervoor dat er een energieakkoord komt voor duurzame groei met bindende afspraken over energiebesparing, schone technologie en klimaatbeleid.
Regeldruk & mkb
Een ander positief punt is het voornemen om wat aan de regeldruk te doen. Volgens het regeerakkoord moet er ruimte zijn voor vernieuwing, en dat kan het beste als er een samenhangende aanpak is voor ordening, sturing en toezicht. Dat wil de overheid onder meer doen door met de chemie te bespreken welke problemen zij daarbij ervaart en hier oplossingen voor te zoeken. Ook belangrijk voor de chemie is het voornemen om het Innovatiefonds MKB+ te vergroten. Hierdoor kunnen jonge, innovatieve bedrijven (waar er veel van zijn in de chemie) eenvoudiger over geld beschikken.
Biobased economie
De VNCI juicht het toe dat de regering voor de biobased economie in internationaal verband een ambitieus beleid voor de lange termijn wil neerzetten. Ook wil de nieuwe regering biomassa zo hoogwaardig mogelijk inzetten: eerst chemicaliën ervan maken, en daarna pas meestoken in energiecentrales. Ook pleiten de partijen voor een circulaire economie, waarin duurzame grondstoffen en het hergebruik van schaarse materialen gestimuleerd worden. De chemische industrie werkt al jaren aan deze concepten en ziet daarom uitstekende kansen om hier verder aan bij te dragen.
Europa & industriebeleid
De Nederlandse chemie, die driekwart van haar productie exporteert, is gebaat bij een pro-Europese houding en sterke internationale relaties, twee zaken die ook expliciet benoemd worden in het regeerakkoord. Bedrijven in belangrijke economische gebieden krijgen daarbij extra aandacht. Zo wordt de besluitvorming voor ruimtelijke projecten sneller en eenvoudiger. Niettemin blijft volgens de VNCI een actief industriebeleid de grote afwezige, iets wat naast het topsectorenbeleid een prioriteit zou moeten zijn.
Onderzoek & onderwijs
Onderzoek is voor de chemische industrie van groot belang. De VNCI is daarom erg blij dat het topsectorenbeleid doorgezet wordt, er € 150 miljoen extra beschikbaar komt voor fundamenteel onderzoek, en er € 110 miljoen wordt vrijgemaakt om de samenwerking tussen bedrijven en kennisinstellingen extra te stimuleren. Netto wordt er echter op het topsectorenbeleid bezuinigd. Zo zet de overheid minder fiscale stimuleringsmiddelen in om werkgevers hun personeel te laten bijscholen, terwijl volgens de VNCI juist dat punt van groot belang is voor de ontwikkeling van werkgelegenheid en economische groei.
Een positieve ontwikkeling is dat de overheid een pact wil afsluiten met het bedrijfsleven en technische onderwijsinstellingen om de aansluiting tussen die 2 te verbeteren. De VNCI heeft wel grote zorgen over de geplande bezuiniging op kenniscentra, aangezien deze het platform vormen waar de sector en het onderwijs de gewenste kwalificatie van nieuw op te leiden personeel bepalen.
Download het regeerakkoord (Kabinetsformatie2012.nl)
Weinig chemie in verkiezingsprogramma’s (VNCI.nl, 6 september 2012)