De veiligheidscultuur bij onderzochte risicovolle bedrijven in het Rijnmondgebied is over het algemeen genomen voldoende. Toch kán het beter en daarom móet het ook beter. Bij inspecties van tanks en koel-en blussystemen bij risicovolle bedrijven zijn geen overtredingen in de zwaarste categorie aangetroffen. Dat zijn de belangrijkste conclusies van twee onderzoeken die de afgelopen maanden hebben plaatsgevonden in het Rijnmondgebied.
Voor ons is veiligheid een vanzelfsprekendheid. Er zijn weinig sectoren waar de aandacht voor veiligheid en gezondheid zo zijn geïncorporeerd in de dagelijkse werkzaamheden als in de chemie. We hebben dan ook een uitstekend track record.
Elke tekortkoming is er één te veel, laat dat duidelijk zijn. Maar het is zaak hoofd- van bijzaken te onderscheiden en belangrijke tekortkomingen de aandacht schenken die ze nodig hebben en kleinere lager op de prioriteitenlijst te plaatsen. Bedrijven kunnen zich dan bezighouden met hoofdzaken en niet met activiteiten die tot schijnveiligheid leiden.
En natuurlijk hebben bedrijven ook een belangrijke taak. Ze moeten elkaar helpen zodat we met elkaar de veiligheid naar een hoger plan tillen. We zijn als branche met elkaar en voor elkaar verantwoordelijk. Het doel dat ons uiteindelijk voor ogen staat is een veilige werk- en leefomgeving voor onze medewerkers en omwonenden. De recente onderzoeken sterken ons in de overtuiging dat we op de goede weg zijn.
Dr. Ir. Colette Alma,
directeur Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI)
VNCI positief over resultaten onderzoek veiligheidscultuur DCMR (VNCI.nl, 12 oktober 2012)