De VNCI ontvangt regelmatig vragen over de praktische uitvoering van
Reach en CLP en de problemen daarbij. Om bedrijven te helpen bij de in-
en uitvoering van de nieuwe regels, behandelt de VNCI iedere week een
vraag die over deze verordeningen aan de VNCI is gesteld.
Vraag
(CLP): onze onderneming krijgt vanuit de moederorganisatie in de
Verenigde Staten samples (stoffen) toegestuurd die uitsluitend op onze
site voor research & development worden gebruikt. Het gaat hier om
enkele kilo’s per jaar. Moeten deze samples worden ingedeeld en
geëtiketteerd volgens CLP?
Antwoord: mogelijk wel. Hoewel in
artikel 1, tweede lid onder d is bepaald dat CLP niet van toepassing is
op "stoffen (…) voor wetenschappelijk onderzoek en wetenschappelijke
ontwikkeling die niet in de handel verkrijgbaar zijn, voor zover zij
onder gecontroleerde omstandigheden worden gebruikt overeenkomstig de
communautaire wetgeving inzake de arbeidsplaats en het milieu", is deze
vrijstelling in dit geval niet van toepassing. De samples in dit
voorbeeld worden in de Europese Unie geïmporteerd. Daarmee worden ze
beschouwd als in de handel gebracht (zie ook art. 2, lid 18).
Als
de sample (de stof) voldoet aan de criteria voor indeling als
gevaarlijk, moet hij worden ingedeeld en geëtiketteerd volgens CLP. In
dit geval is overigens ook de meldingsplicht vanwege artikel 40 van
toepassing.
Bekijk alle CLP- en Reach-vragen en -antwoorden op
www.vnci.nl/clp-reach
Ook een vraag over CLP of Reach?
Neem dan per e-mail contact op met VNCI-stoffensecretaris Dirk van Well
Lees de opinie van de VNCI over CLP en Reach