Sinds 20 januari 2009 is de zogenaamde CLP-verordening van kracht. Deze
nieuwe regelgeving heeft grote gevolgen voor de indeling, etikettering
en verpakking van chemische producten. Om bedrijven te helpen bij de
in- en uitvoering van de nieuwe regels, behandelt de VNCI iedere week
één vraag over dit onderwerp.
Vraag 8: Welke algemene regels gelden er voor het indelen van een mengsel?
De
indeling van mengsels gebeurt op basis van de beschikbare, adequaat en
betrouwbaar geachte informatie over het mengsel zelf of de stoffen die
het bevat. Deze informatie kan bestaan uit testgegevens, ervarings- en
epidemiologische gegevens, en gegevens uit alternatieve methoden (zoals
het toepassen van kwalitatieve of kwantitatieve
structuur-activiteitsrelaties ((Q)SARs) en het afleiden van informatie
via stoffen met vergelijkbare structuren (read across)). Door deze
informatie te vergelijken met de eisen voor de indeling en etikettering
van stoffen en mengsels in Bijlage I van de CLP-verordening, wordt
duidelijk welke indeling van toepassing is.
Soms gebeurt het dat
de eisen in deze bijlage niet direct kunnen worden toegepast op de
beschikbare informatie. In dat geval kan men gebruikmaken van het
oordeel van een deskundige (een zogenaamd expert judgement). Als er
helemaal geen informatie over het mengsel voorhanden is, kan men
gebruikmaken van extrapolatieprincipes of bridging principles van
Bijlage I. Hiermee kan men (aan de hand van een aantal simpele
vuistregels) op basis van informatie over vergelijkbare mengsels de
indeling van het mengsel vaststellen. Daarnaast bevat de bijlage I nog
regels voor het vaststellen van de indeling van mengsels waarvan geen
gegevens over de bestanddelen beschikbaar zijn.
In de komende weken illustreren artikelen in de nieuwsbrief deze scenario's aan de hand van voorbeelden.
Ook een vraag over CLP?
Neem dan per e-mail contact op met VNCI-stoffensecretaris Dirk van Well
VNCI-leden lezen verder in het dossier stoffen op het VNCI-ledennet ->